zondag 18 mei 2008

Matsuri



In Japan noemen ze het matsuri, een straatfestival, maar het is iets van alle culturen. Je kan het niet echt vergelijken met Genste Feesten want die zijn uniek in de wereld, maar toch met een Vlaamse kermis. Je vind er worstenkramen (in Japan!), visjes in plastiek zakjes, majorettes, fanfares, en zelfs voale janetten. We zijn er toevallig in terecht gekomen gisteren zondag, hier in Kobe. Een kleurrijke afwisseling met tempels en shrines.

zaterdag 17 mei 2008

Kledij


Wij kleden mannekepis aan, maar blijkbaar is het in Japan een gewoonte om hun boedhabeelden ook aan te kleden. De keuze van kledij heeft soms een wat grappig effect. Hier dragen de boedha's allemaal een slabbetje. Waarom weet ik niet goed.

Bambimanie


Nara is de oude hoofdstad van Japan, voor Kyoto en Tokyo. Het is een fantastische stad om Japanse tempels te exploreren. Sommige tempels en shrines zijn prachtig gelegen tegen de heuvel midden in een bos. Maar Nara is een toeristische plaats bij uitstek en vele Japanners komen hier voor een dagje uit met de kinderen. Die zijn meer geinteresseerd in de tamme herten die rondlopen door de stad. Je kan overal koekjes kopen om de herten te voederen en die kennen dat zo goed dat ze al staan aan te schuiven aan de stalletjes.


Alle speelgoed staat in het teken van de herten. Na een dag zat ik met een bambi-indigestie.

donderdag 15 mei 2008

Automaat (2)


Ik vertelde al eerder over de voorliefde van Japanners voor automaten. Het is een kwestie om het gebruik ervan vroeg aan te leren. Hier zie je een groep schoolkinderen die op treinreis vertrekken. Ze moeten elk hun eigen ticket kopen onder begeleiding van de schooljuf. Sommigen waren zo klein dat ze moesten worden opgetild om hun muntstukken in de automaat te steken.

Ryokan


Een Ryokan is een traditioneel Japanse herberg. Het is een uitstekende introductie tot de Japanse levensstijl want je logeert er wat in familiale sfeer. Je slaapt en leeft er in een kamer met tatami matten. S’avonds worden de futons uitgehaald en de tafel opzij geschoven. Alles gebeurt er in één kamer. Ze hebben grote kamers waar je met een ganse groep of familie kan slapen. Prijzen variëren van 4.000 yen tot 30.000 yen per persoon per nacht (25 tot 200 EUR). Dikwijls ben je verplicht of wordt er van jou verwacht dat je er ontbijt en avondmaal nuttigt. Een maaltijd in een Ryokan kan de concurrentie aan met de beste restaurants.


In Beppu hadden we een ryokan met een rotembura, een openlucht onsen.

Hier zie je eens hoe het wasritueel verloopt. Eerst goed inzepen, gehurkt of op een klein stoeltje. Dan goed afspoelen want er mag geen zeep in de onsen komen. Dan voetje per voetje wennen aan het warme water en uiteindelijk lekker weken en zweten. Deze onsen was zo heet dat je er koud water moest bijvoegen om het tien minuten uit te houden.

Onsenmanie


Ik heb het niet zo voor hete baden, sauna is niet aan mij besteed, ik hou niet van stoombaden,.. en toch kan ik de japanners begrijpen in hun obsessie voor de Onsen, eeuwenoude warmwaterbronnen. In Beppu zijn er honderden, meestal zeer commercieel uitgebaat (het Las Vegas van de onsen volgens de gids), maar er liggen in de bergen nog een paar zeer natuurlijke onsen (rotembura). Wij daar naartoe! Zonder een zeer vriendelijke local hadden we de mooiste nooit gevonden (zie foto), een bergriviertje dat gevoed wordt door koude en warme bronnen.


De mensen uit de buurt hebben voor hun eigen gebruik een paar baden gebouwd, eerst zéér warm, dan eentje lager een beetje minder warm, dan nog eentje, tot de laatste heerlijk koel is. Daar lig je dan, met je hoofd tussen het groen, de vogels maken kabaal, het water ritselt zich overal tussen,..zoals ook wel eens een slang, al maakte die zich snel uit de voeten.


Op naar de volgende verborgen bron, een onsen die op de maan leek te liggen: gele dampen, gifgroen borrelend kokend water in een landschap die wel uit Yellowstone leek te komen. Een bron met zwart water, en een bron waar er een soort melk leek uit te komen; allemaal een kwestie van de mineralen die erin zitten. Zeer mooi om te zien, helaas veel te warm om te baden. (Lilian)

Kraaien


Het zit hier vol met grote zwarte kraaien die behoorlijk wat kabaal maken. Japanse kraaien zijn grote, agressieve beesten. Hun vleugels kunnen een spanwijdte hebben van 1 m. Ik las dat ze hier stilaan een ernstig probleem vormen. Er zijn gevallen bekend waar kraaien kinderen aanvallen voor het snoep dat ze bij zich hebben. Men schat dat er in Tokyo alleen al 150.000 kraaien zitten, veelal in parken maar ook in de stad zelf. Regelmatig valt er eens een hoogspanningscabine uit omdat er kraai zich verbeten had in een hoogspanningsleiding. Nog ernstiger is hun voorliefde voor optische kabels. Fiber optische kabels blijken uitstekend materiaal te zijn om kraaiennesten te bouwen. Firma’s die instaan voor distributie van elektriciteit en telecommunicatie zetten speciale teams in om kraaiennesten te verwijderen. Maar de kraaien zijn zo slim dat ze valse nesten bouwen om hun belagers te verschalken.

Natuur


We hebben het al eerder geschreven: de stad en de natuur in Japan liggen soms erg dicht tegen elkaar aan. Kobe is daar een uitstekend voorbeeld van. Als je uit het metro of treinstation van Shinkobe stapt dan kan je onmiddellijk een wandelpad nemen de bergen in. Na een kwartiertje kom je een prachtige waterval tegen. Maar zo ver moet ik het zelfs niet zoeken. Het Kobe Instituut ligt vlak tegen de berg aan en op enkele honderden meters ervan ligt een wandelpad dat helemaal tot de top van Rokko mountain loopt. Prachtige tuinen, een boeddistische tempel, een meertje liggen te wachten op de paar wandelaars, zoals wij. We hebben een van die paden naar beneden gelopen, (Albrecht vindt dat de meest aangename manier van wandelen), nadat we eerst met de kabelbaan naar boven zijn gegaan. Wat een natuur! Waar wij apentrots zijn op onze bloeiende Wisteria (blauwe regen), hier slingert hij zich meters hoog de bomen in, en legt een blauwe sluier over de bossen.


Overal water, het klatert naar beneden, zoekt zich een weg over bemoste rotsen, is de habitat van luid kwakende kikkers en padden (veel gehoord, nooit een gezien). En plots een dam op het riviertje, en dan nog een, en dan nog een, en nog een,… In het regenseizoen houden ze het bergwater tegen om Kobe te behoeden van overstromingen, veronderstellen we. Tussen al dat groen dan een onverwacht doorkijkje naar de stad en de haven, eerst van heel hoog, een wazig beeld, naarmate we daalden werd dat duidelijker. Het pad loopt dood op de parking van een kerkhof, vlak aan de flat waar Albrecht woont. De eerste keer voor hem om de weg naar huis af te dalen ipv te beklimmen! (Lilian)

Rode duivel


De rode duivels zijn niet enkel een Belgisch fenomeen. Dit is één van de merkwaardigste natuurlijke fenomenen die ik al gezien heb. Dit soort poelen, waarvan er een twintigtal zijn in Beppu, noemen ze jigoku. Het zijn warmwaterbaden of onsen die te heet zijn om er in te stappen, tot 85 graden. Ze hebben elk een eigen kleur die afhangt van de mineralen en ertsen die in de grond zitten. Sommigen zijn blauw, andere melkwit. Deze rode kleur wordt gevormd door ijzeroxides. Het water is 10 m diep maar de bron zit 80 m onder het oppervlak.

zondag 4 mei 2008

Boerenkost


Wij hebben zo een idee van de Japanse keuken als zeer gesofistikeerd, visueel zeer verzorgd, vetarm en gezond. Je weet wel, sushi, sashimi, .. Wel het kan jullie verbazen maar ik heb hier al schotels gegeten die niet erg verschillen van de vettige Franse sudest! Daar eten alles op van elk beest dat er geslacht word. Japan is traditioneel een agrarische samenleving en blijkbaar bestaan er nog veel schotels die je best kan omschrijven als stevige boerenkost. Meestal zijn die schotels stoofpotten die worden geserveerd in een kleien pot zoals mizutaki, een stoofpot met kip en kool. In Kyoto was ik uitgenodigd met de Japanse vereniging voor wetenschapsgeschiedenis om Nabe te gaan eten. Het is één van die schotels die worden klaargemaakt aan tafel op een gasbrander. Nabe (de verkorte vorm van Nabemono) is een versie op basis van een enigszins zoete bouillon waar vlees en groenten in worden klaargemaakt. Het vlees was echt vettige varkenskost: een soort gehakt dat aan tafel in balletjes werd gedraaid en andere stukken vet vlees. De groenten waren kool, paddenstoelen en tofu. Ik moet zeggen dat die bouillon hoe langer hoe lekkerder begon te smaken. Als al het vlees op is dan gooien ze er ramen of udon in (dunne of dikke noedels) en dan begint het geslurp. Andere versies van deze formule zijn sukiyaki (met betere kwaliteit rundsvlees) en shabu shabu (meer een waterachtige bouillon) . Wij zaten gewoon op de grond, zonder leuning en zonder een gat onder de tafel voor de benen.

Overleg (3)


Dikwijls wordt de ware aard van een mysterie nooit achterhaald. Daarom zijn het ook een mysteries. Maar je kan een mysterie wel oplossen. Wat doe je als na vijftien gaten gemaakt te hebben in de asfalt je nog steeds geen lek vindt? Juist, leg een nieuwe leiding!

Eindelijk!


Ik had gehoopt jullie het heugelijke nieuws eerder te kunnen melden, maar het bleef maar duren eer het zo ver was: ik ben gisteren officieel 3de dan shogi! Gezien mijn oorspronkelijke successen in het Kobi shogi centrum dacht ik dat het wel snel zou gaan voor die promotie. De promotieregels zijn echter vrij streng. Om van 2de dan naar derde dan te promoveren moet je in een opeenvolgende reeks van 15 partijen 13 keer winnen! Je mag dus maar twee steken laten vallen. Het probleem was oorspronkelijk dat er veel 4de dan spelers zijn. Ik merkte dat sommigen mij een loper-handicap aanboden. Daarbij speelt de handicap speler met een loper minder. Je mag dat niet vergelijken met schaken. In shogi is dat verschil niet zo groot als je zou denken. Voor handicap partijen heb je speciale joseki’s (theoretische voortzettingen) die ik helaas niet goed ken. Daarom speelde ik steeds gelijke partijen. Op de 38 officiële partijen die ik gespeeld heb kreeg ik tien 4de dan spelers tegen. De eerste acht daarvan waren gelijke partijen en daarvan won ik er zes! Die twee verliespartijen deden me echter de das om voor de promotie. Ik ben dan de handicaps beginnen aanvaarden en gisteren speelde ik met succes mijn vijftiende partij in de reeks tegen een 4de dan. Het was een zeer mooie spannende partij, een waardige stap naar derde dan. Hierbij de statistieken:
4 dan: 8 win, 2 verlies (10)
3 dan: 13 win, 3 verlies (16)
2 dan: 4 win, 3 verlies (7)
1 dan: 4 win, 1 verlies (5)
De volgende stap is in principe 4de dan maar dat lijkt me haast onmogelijk. De regel is dat ik in een reeks van 30 partijen 26 keer moet winnen. Het probleem is dat ik nu als derde dan een loper handicap moet geven aan 1 dan spelers en dat ik geen handicap meer krijg van vierde dans. Ik heb me daarom een ander objectief gesteld: ik wil mijn promotie nog eens overdoen in Osaka. Dat is een sterke club waar in het weekend 150 spelers bezig zijn. Ik ben er al drie keer geweest. Je moet er negen keer achter elkaar winnen ofwel 12 keer winnen op 14 partijen. Daar wordt er echter geen handicap gegeven en er zijn behoorlijk veel 4de dan spelers. Ik verloor er van deze jonge kerel (foto). Hij dacht nooit langer dan 3 sec na en leek wat verveeld met mijn zwak spel.